Outils pour utilisateurs

Outils du site


transparencia:cadas:abelfedcadapub:advies-2015-56:start

Cadas > Cada fédérale > Publicité de l'administration > Avis

Advies 56

Met betrekking tot de weigering om een kopie van TRACES-certificaat INTRA.SK.2014.0005425 te verstrekken

Transposition

Commissie voor de toegang tot en het
hergebruik van bestuursdocumenten

     Afdeling openbaarheid van bestuur




                   27 juli 2015




               ADVIES 2015-56

met betrekking tot de weigering om een kopie van
 TRACES-certificaat INTRA.SK.2014.0005425 te
                   verstrekken
                  (CTB/2015/54)
                                                                           2

   1. Een overzicht

1.1 Bij aangetekende brief met ontvangstbewijs en per mail van 16 juni
2015 vraagt de heer Anthony Godfroid, namens de heer X, aan het
Federale Agentschap voor de Voedselveiligheid (FAVV) om een afschrift
van het traces-certificaat INTRA.SK.2014.0005425 en dit uitdrukkelijk
op grond van de wet van 11 april 1994 betreffende de openbaarheid van
bestuur.

1.2 Bij mail van 19 juni 2015 antwoordt de heer Lieven
Vandemeulebroecke, namens het FAVV PCE West-Vlaanderen, dat de
door de aanvrager aangehaalde gegevensbank die de gevraagde
informatie bevat, beheerd wordt door de Europese Commissie en hij
verwijst de aanvraag door naar de Europese Commissie.

1.3 Bij mail en fax van 17 juli 2015 dient de heer Anthony Godfroid een
verzoek tot heroverweging in bij het FAVV. Diezelfde dag dient hij ook
bij mail en fax een verzoek om advies in bij de Commissie voor de
toegang tot en het hergebruik van bestuursdocumenten, afdeling
openbaarheid van bestuur, hierna Commissie genoemd.

   2.    De ontvankelijkheid van de adviesaanvraag

De Commissie stelt vast dat de aanvrager tegelijkertijd zoals artikel 8, § 2
van de wet van 11 april 1994 voorschrijft een verzoek tot heroverweging
aan het FAVV en een verzoek om advies aan de Commissie heeft
ingediend. Bijgevolg is het verzoek om advies ontvankelijk.

De Commissie moet evenwel opmerken dat het advies slechts betrekking
heeft op een bestuursdocument voor zover de informatie daarvan niet als
milieu-informatie in de zin van de wet van 5 augustus 2006 betreffende
de toegang tot milieu-informatie moet worden opgevat. Op deze
informatie is immers de laatstgenoemde wet van toepassing.

   3. De gegrondheid van de adviesaanvraag

Artikel 32 van de Grondwet en de wet van 11 april 1994 betreffende de
openbaarheid van bestuur huldigen principieel het recht van toegang tot
alle bestuursdocumenten. De toegang tot bestuursdocumenten kan
slechts worden geweigerd wanneer het belang ontbreekt voor de toegang
                                                                        3

tot een document van persoonlijke aard en wanneer één of meer
uitzonderingsgronden kan of moet worden ingeroepen die zich bevinden
in artikel 6 van de wet van 11 april 1994 en dit inroepen in concreto en
op     pertinente    wijze    kan     worden      gemotiveerd.   Slechts
uitzonderingsgronden die bij wet zijn opgelegd kunnen worden
ingeroepen en bovendien geldt dat ze beperkend geïnterpreteerd moeten
worden (Arbitragehof, arrest nr. 17/97 van 25 maart 1997, overweging
B.2.1 en 2.2 en Arbitragehof, arrest nr. 150/2004 van 15 september 2004,
overweging B.3.2).

De FAVV vermeldt enkel dat het document zich bevindt in een databank
die door de Europese Commissie wordt beheerd en zendt de aanvrager
naar de Europese Commissie door. In casu gaat het om Traces dat het
online beheersysteem van de Europese Commissie is dat de bewegingen
volgt van de levende dieren, de dierlijke producten, de dierlijke
bijproducten, de levensmiddelen, het diervoerder en de planten die
worden ingevoerd in de EU en verhandeld binnen de lidstaten van de
EU. Wanneer een operator wenst over te gaan tot import binnen de EU,
of verhandeling binnen de EU, dient hij voorafgaandelijk een certificatie
aan te vragen via dit beheersysteem van de Europese Commissie. De
FAVV is gebruiker van dit systeem als controlerende overheid en heeft
slechts toegang op basis van strikte toegangsrechten toegekend aan haar
gebruikersprofiel.

De Commissie wenst in dit verband op te merken dat een doorverwijzing
op grond van de wet van 11 april 1994 enkel mogelijk is voor zover het
FAVV zelf niet beschikt over het gevraagde bestuursdocument en ze dit
ook als dusdanig stelt. In dit verband wil de Commissie er duidelijk op
wijzen dat hoewel onder beschikken in principe “in het bezit zijn van”
moet worden begrepen, de wetgever - zonder het begrip zelf te
definiëren - met de keuze van het begrip heeft aangegeven dat het
daarmee echter niet samenvalt. Ook documenten waartoe een federale
administratieve overheid van rechtswege toegang heeft, moet worden
geacht onder “informatie waarover een federale administratieve overheid
beschikt” te worden begrepen. Aangezien het in dat geval om een
document gaat afkomstig van de Europese Commissie moet ook voldaan
worden aan wat bepaald is in artikel 5 van verordening 1049/2001 van
het Europees Parlement en de Raad van 30 mei 2001 inzake de toegang
van het publiek tot documenten van het Europees Parlement, de Raad en
de Commissie (Pub. L. 31 maart 2001, 43 e.v.) op grond waarvan
                                                                            4

wanneer een lidstaat een document wordt gevraagd dat hij in zijn bezit
heeft en dat van een instelling afkomstig is, hij de betrokken instelling
moet raadplegen, om een besluit te kunnen nemen waardoor het doel
van de verordening niet in gevaar komt, tenzij het duidelijk is dat het
document wel of niet wordt vrijgegeven. Naar Belgisch recht bestaat
geen mogelijkheid om het verzoek door te geleiden aan de betrokken
instelling, in casu de Europese Commissie. De ontwikkeling van
Europese databanken mag immers niet voor gevolg hebben dat het recht
van toegang tot bestuursdocumenten zoals die door de Belgische
grondwetgever is toegekend, zou worden uitgehold, doordat het beheer
van een databank van bestuursdocumenten niet langer nationaal maar
supra-nationaal zou worden bijgehouden.Verder is het zo dat daarnaast
ook nog toepassing moet worden gemaakt van de uitzonderingsgronden
in de openbaarheidswetgeving zodat niet kan worden beweerd dat de
bescherming van commerciële en niet-commerciële gegevens en
gegevensbescherming onvoldoende zou beschermd zijn.

De situatie is anders wanneer een federale administratieve overheid
slechts online toegang kan hebben tot bepaalde gegevens die op
voormeld certificaat aanwezig zijn, maar geen toegang heeft tot het
certificaat zelf of enkel kan vaststellen dat voldaan is aan de vereisten die
nodig zijn om het certificaat te krijgen in het land van oorsprong.


Brussel, 27 juli 2015.




   F. SCHRAM                                                M. BAGUET
   secretaris                                               voorzitster

transparencia/cadas/abelfedcadapub/advies-2015-56/start.txt · Dernière modification : 2020/09/28 23:41 de 127.0.0.1