Table des matières

Cadas > Cada fédérale > Publicité de l'administration > Avis

Advies 143

Met betrekking tot het verkrijgen van een correcte emaillijst van de Franstalige en Nederlandstalige parlementairen en senatoren

Date: 2/12/2019

Transposition

Commissie voor de toegang tot en het
hergebruik van bestuursdocumenten

      Afdeling openbaarheid van bestuur




                    2 december 2019




                 ADVIES 2019-143

met betrekking tot het verkrijgen van een correcte e-
  maillijst van de Franstalige en Nederlandstalige
             parlementairen en senatoren

                    (CTB/2019/138)
                                                                          2

   1. Een overzicht

1.1. Bij e-mail van 28 oktober 2019 vraagt de heer X, namens PostVersa
aan de Kamer van Volksvertegenwoordigers om een correcte emaillijst te
bezorgen van de Franstalige en Nederlandstalige parlementairen en
senatoren.

1.2. Bij e-mail van 15 november 2019 dient de aanvrager bij de Kamer van
Volksvertegenwoordigers een verzoek tot heroverweging in. Hij breidt
zijn aanvraag uit tot de contactgegevens van de parlementsleden en ook
tot de samenstelling van de commissies. Hij stuurt dit verzoek tot
heroverweging ook aan de Commissie voor de toegang tot en het
hergebruik van bestuursdocumenten, afdeling openbaarheid van bestuur,
hierna de Commissie genoemd, om een advies zonder evenwel om een
advies te vragen.

2. De beoordeling van de aanvraag

De Commissie is van oordeel dat de aanvraag niet ontvankelijk is. Los van
het feit dat de aanvrager de procedure niet respecteert die in de wet van
11 april 1994 ‘betreffende de openbaarheid van bestuur’ (hierna: de wet
van 11 april 1994) is opgenomen, moet de Commissie opmerken dat de wet
van 11 april 1994 niet eens van toepassing is op de Kamer van
Volksvertegenwoordigers. De wet van 11 april 1994 is slechts van
toepassing op administratieve overheden. Zelfs wanneer zoals de
Commissie al uitdrukkelijk heeft gesteld het recht van toegang tot
bestuursdocumenten bedoeld in artikel 32 van de Grondwet waaraan de
wetgever bij de wet van 11 april 1994 uitvoering heeft verleend wat de
federale administratieve overheden betreft, zich ook uitstrekt op andere
overheden dan administratieve overheden, dan is dit slechts in zover de
wetgever en het Grondwettelijk Hof de rechtsbescherming hebben
verruimd tot niet-administratieve overheden. De verruimde toepassing
van de wet van 11 april 1994 geldt slechts voor zover dit in artikel 14, § 1
van de RvS-wet is gerealiseerd en slaat op de akten van de wetgevende
vergaderingen of van hun organen, daarbij inbegrepen de ombudsmannen
ingesteld bij deze assemblees, van het Rekenhof en van
het Grondwettelijk Hof, van de Raad van State en de administratieve
rechtscolleges evenals van organen van de rechterlijke macht en van de
Hoge Raad voor de Justitie, met betrekking tot overheidsopdrachten en
leden van hun personeel, evenals de aanwerving, de aanwijzing, de
                                                                      3

benoeming in een openbaar ambt of de maatregelen die een tuchtkarakter
vertonen. De aanvraag heeft hierop geen betrekking, zodat bijgevolg de
wet van 11 april 1994 niet van toepassing is.

De Commissie wenst er de aanvrager verder op te wijzen dat hij niet in
het kader van het georganiseerd beroep zijn aanvraag kan uitbreiden.

Bovendien komt het de aanvrager niet toe in zijn correspondentie met de
Commissie andere personen bij het beroep te betrekken die helemaal geen
rechtstreekse band hebben met de aanvraag om toegang.


Brussel, 2 december 2019.




   F. SCHRAM                                             K. LEUS
   secretaris                                           voorzitster