Table des matières

Cadas > Cada fédérale > Publicité de l'administration > Avis

Advies 118

Met betrekking tot het verkrijgen van een studie over de juridische en veiligheidsaspecten van een gedeeltelijke opstelling van het Koninklijk domein van Laken en van het register ‘openbaarheid’

Date: 17/10/2019

Transposition

 Commissie voor de toegang tot en het
 hergebruik van bestuursdocumenten

       Afdeling openbaarheid van bestuur




                     17 oktober 2019




                 ADVIES 2019-118

 met betrekking tot het verkrijgen van een studie over
     de juridische en veiligheidsaspecten van een
gedeeltelijke opstelling van het Koninklijk domein van
       Laken en van het register ‘openbaarheid’

                     (CTB/2019/113)
                                                                           2

   1. Een overzicht

1.1. Bij e-mail van 29 augustus 2019 vraagt de heer X om een digitale
kopie van de studie uitgevoerd door de Regie der Gebouwen over de
juridische en de veiligheidsaspecten van een gedeeltelijke openstelling van
het Koninklijk domein van Laken. Bovendien vraagt hij een kopie (bij
voorkeur digitaal) van het register van aanvragen ‘openbaarheid van
bestuur’ waarin zijn aanvraag is ingeschreven.

1.2. Bij e-mail van 6 september 2019 merkt de aanvrager op dat hij nog
geen reactie heeft gekregen op zijn aanvraag. Hij vraagt om al de referentie
te delen van de registratie in het register van aanvragen ‘openbaarheid van
bestuur’.

1.3. Binnen de voorgeschreven termijn deelt de Regie der Gebouwen
bij e-mail van 12 september 2019 mee dat ze de aanvraag goed heeft
ontvangen en bezorgt hem een kopie van het register van aanvragen
‘openbaarheid van bestuur’ met zijn aanvraag onderaan. In dit document
zijn bepaalde gegevens zwart gemaakt.

1.4. Bij brief van 1 oktober 2019 verstuurd via e-mail dient de aanvrager
bij de Regie der Gebouwen een verzoek tot heroverweging in. In diezelfde
brief vraagt hij aan de Commissie voor de toegang tot en het hergebruik
van bestuursdocumenten, afdeling openbaarheid van bestuur, hierna
Commissie genaamd, om een advies.

   2. De ontvankelijkheid van de aanvraag

De Commissie is van oordeel dat het verzoek om advies ontvankelijk is.
Het verzoek tot heroverweging aan de Regie der Gebouwen en het
verzoek om advies aan de Commissie zijn zoals artikel 8, § 2 van de wet
van 11 april 1994 ‘betreffende de openbaarheid van bestuur’ (hierna: wet
van 11 april 1994) voorschrijft, gelijktijdig ingediend.

3. De gegrondheid van de aanvraag

Artikel 32 van de Grondwet en de wet van 11 april 1994 huldigen
principieel het recht van toegang tot alle bestuursdocumenten. De toegang
tot bestuursdocumenten kan slechts worden geweigerd wanneer één of
meer uitzonderingsgronden kunnen of moeten worden ingeroepen die
                                                                        3

zich bevinden in artikel 6 van de wet van 11 april 1994 en dit inroepen in
concreto en op pertinente wijze kan worden gemotiveerd. Slechts
uitzonderingsgronden die bij wet zijn opgelegd kunnen worden
ingeroepen en bovendien geldt dat ze beperkend geïnterpreteerd moeten
worden (Arbitragehof, arrest nr. 17/97 van 25 maart 1997, overweging
B.2.1 en 2.2 en Arbitragehof, arrest nr. 150/2004 van 15 september 2004,
overweging B.3.2).

De aanvraag heeft betrekking op twee documenten, namelijk een studie
van de Regie der Gebouwen over de juridische en de veiligheidsaspecten
van een gedeeltelijke openstelling van het Koninklijk domein van Laken
en een kopie van het register van aanvragen ‘openbaarheid van bestuur’
waarin zijn aanvraag is ingeschreven.

Wat het eerste document betreft, voert de Regie der Gebouwen geen
uitzonderingsgronden aan om de stilzwijgende weigering te
verantwoorden. Als zij geen uitzonderingen aanvoert en deze in concreto
behoorlijk motiveert, is de Regie der Gebouwen ertoe gehouden deze
studie openbaar te maken. De Commissie dringt er wel op aan dat de Regie
der Gebouwen specifiek nagaat of volgende twee uitzonderingsgronden
moeten worden ingeroepen, meer bepaald de uitzonderingsgrond vermeld
in artikel 6, § 1, 4° van de wet van 11 april 1994 op grond waarvan een
administratieve overheid de aanvraag tot openbaarmaking moet afwijzen
wanneer zij heeft vastgesteld dat het belang van de openbaarheid niet
opweegt tegen de bescherming van de openbare orde, de veiligheid of de
verdediging van het land” en de uitzonderingsgrond vermeld in artikel 6,
§ 2, 1° van de wet van 11 april 1994 op grond waarvan een administratieve
overheid een vraag tot openbaarmaking van een bestuursdocument afwijst
wanneer zij heeft vastgesteld dat deze afbreuk zou doen aan de
bescherming van de persoonlijke levenssfeer.

Wat het tweede document betreft, wenst de aanvrager een digitale kopie
en niet een scan van een print-out. De Commissie moet erop wijzen dat
op grond van de wet van 11 april 1994 iedereen het recht heeft op een
afschrift van een bestuursdocument. In principe heeft de aanvrager recht
op een afschrift van een bestuursdocument in de vorm of vormen zoals die
bij een administratieve overheid aanwezig zijn. De Commissie heeft in
eerdere adviezen erop gewezen dat de aanvrager ook recht heeft om een
afschrift te ontvangen in een andere vorm voor zover de administratie in
de mate die mogelijkheid er is en dit geen ernstige inspanningen met zich
                                                                        4

meebrengt. De Regie der Gebouwen heeft gekozen om een scan van het
register aan de aanvrager te bezorgen om zo te verhinderen dat bepaalde
informatie waarvan ze van oordeel is dat ze niet mag worden vrijgegeven,
toch op een of andere wijze toegankelijk zou zijn. Met betrekking tot die
informatie die niet openbaar wordt gemaakt, moet de Commissie
opmerken dat dit enkel mogelijk is voor zover één of meer
uitzonderingsgronden wordt ingeroepen en dit inroepen behoorlijk in
concreto wordt gemotiveerd. Het principe van de gedeeltelijke
openbaarmaking heeft immers voor gevolg dat enkel informatie die onder
een uitzonderingsgrond valt aan de openbaarmaking kan worden
onttrokken. Alle andere informatie in een bestuursdocument dient
openbaar te worden gemaakt.


Brussel, 17 oktober 2019.




   F. SCHRAM                                               K. LEUS
   secretaris                                             voorzitster