Table des matières

Cadas > Cada fédérale > Publicité de l'administration > Avis

Advies 66

Met betrekking tot het verkrijgen van de bedragen die sinds de huidige legislatuur ten voordele van een advocatenkantoor zijn vastgelegd en vereffend door de FOD Justitie

Date: 04/06/2018

Transposition

 Commissie voor de toegang tot en het
 hergebruik van bestuursdocumenten

       Afdeling openbaarheid van bestuur




                      4 juni 2018




                  ADVIES 2018-66

met betrekking tot het verkrijgen van de bedragen die
   sinds de huidige legislatuur ten voordele van een
advocatenkantoor zijn vastgelegd en vereffend door de
                      FOD Justitie

                     (CTB/2018/63)
                                                                           2

   1. Een overzicht

1.1. Bij e-mail van 27 april 2018 vraagt de heer Niels Pattyn aan de FOD
Beleid en Ondersteuning om de bedragen te vernemen die sinds de start
van de huidige legislatuur zijn vastgelegd en vereffend door de FOD
Justitie ten voordele van het advocatenkantoor Eubelius, evenals het
onderwerp van de opdracht waarvoor deze bedragen werden vastgelegd
en/of vereffend.

1.2. Omdat hij geen reactie ontvangt op zijn verzoek, dient hij bij e-mail
van 28 mei 2018 een verzoek tot heroverweging in. Bij e-mail van
dezelfde dag dient hij ook een verzoek om advies in bij de Commissie
voor de toegang tot en het hergebruik van bestuursdocumenten, afdeling
openbaarheid van bestuur, hierna Commissie genoemd.

   2. De ontvankelijkheid van de adviesaanvraag

De Commissie meent dat het verzoek om advies ontvankelijk is. Artikel
8, § 2 van de wet van 11 april 1994 ‘betreffende de openbaarheid van
bestuur’ (hierna: wet van 11 april 1994) vereist dat de aanvrager
gelijktijdig een verzoek tot heroverweging bij de betrokken
administratieve overheidsdienst indient en een verzoek om advies richt
tot de Commissie.

Aan die verplichting van de gelijktijdigheid heeft de aanvrager voldaan.

   3. De gegrondheid van de adviesaanvraag

Artikel 32 van de Grondwet en de wet van 11 april 1994 huldigen
principieel het recht van toegang tot alle bestuursdocumenten. De
toegang tot bestuursdocumenten kan slechts worden geweigerd wanneer
één of meer uitzonderingsgronden kunnen of moeten worden
ingeroepen die zich bevinden in artikel 6, §§ 1 en 2, van de wet van 11
april 1994 en dit inroepen in concreto en op pertinente wijze kan
worden gemotiveerd. Slechts uitzonderingsgronden die bij wet zijn
opgelegd kunnen worden ingeroepen en bovendien geldt dat ze
beperkend geïnterpreteerd moeten worden (Arbitragehof, arrest nr.
17/97 van 25 maart 1997, overweging B.2.1 en 2.2 en Arbitragehof, arrest
nr. 150/2004 van 15 september 2004, overweging B.3.2).
                                                                       3

De Commissie wenst erop te wijzen dat het recht van toegang slechts
bestaat voor zover de gevraagde informatie aanwezig is bij de FOD Beleid
en Ondersteuning en aanwezig is in één of meerdere
bestuursdocumenten, ongeacht hun vorm. Op grond van artikel 32 van
de Grondwet en de wet van 11 april 1994 rust er op een administratieve
overheid geen verplichting om informatie te verwerken tot een nieuw
bestuursdocument. Beschikt de FOD Beleid en Ondersteuning niet over
de gevraagde bestuursdocumenten dan is ze ertoe gehouden de verzoeker
daarvan onverwijld in kennis te stellen en de aanvrager de benaming en
het adres mee te delen van de administratieve overheid die naar haar
informatie het document onder zich heeft.

Is het gevraagde daarentegen aanwezig in één of meer
bestuursdocumenten, dan moet de FOD Beleid en Ondersteuning het
gevraagde openbaar maken als ze geen uitzonderingsgronden inroept of
deze niet in concreto kan motiveren.

De Commissie wenst ten slotte te wijzen op het principe van de
gedeeltelijke openbaarmaking op grond waarvan slechts informatie aan
de openbaarheid kan worden onttrokken voor zover deze onder een
uitzonderingsgrond vat. Informatie in een bestuursdocument die niet
onder een uitzonderingsgrond valt, moet echter openbaar worden
gemaakt.


Brussel, 4 juni 2018.




   F. SCHRAM                                              K. LEUS
   secretaris                                            voorzitster