Table des matières

Cadas > Cada fédérale > Publicité de l'administration > Avis

Advies 101

Met betrekking tot de weigering om toegang te verlenen tot het volledige dossier van de PSD over zijn eigen zaak

Date: 5/9/2016

Transposition

 Commissie voor de toegang tot en het
 hergebruik van bestuursdocumenten

       Afdeling openbaarheid van bestuur




                    5 september 2016




                  ADVIES 2016-101

    met betrekking tot de weigering om toegang te
verlenen tot het volledige dossier van de PSD over zijn
                      eigen zaak
                     (CTB/2016/99)
                                                                        2

1. Een overzicht

1.1. Bij aanvraagformulier van 22 april 2016 vraagt de heer X aan de FOD
Justitie om inzage en kopie van alle stukken die zich in het dossier
bevinden (Grondig Psychosociaal Verslag) sedert 2005 tot heden die o.m.
bevat de ruwe testresultaten, de interpretaties van die testen, notities,
inbegrepen van de diverse gesprekken, en alle stukken die ten grondslag
van de verstrekte P.S.D.-verslaggeving heeft geleid.

1.2. Bij aanvraagformulier van 10 mei 2016 vraagt hij om het advies van
het openbaar ministerie bij de Strafuitvoeringsrechtbank over de
toekenning van invrijheidstelling onder toezicht opgesteld
overeenkomstig de wet van 26 april 2007 en hij herhaalt zijn aanvraag
van 22 april 2016.

1.3 Bij rapportbriefje van 25 mei 2016 beklaagt de aanvrager er zich over
dat hem nog geen toegang tot de gevraagde stukken is bezorgd.

1.4. Bij rapportbriefje van 12 juli 2016 brengt de aanvrager de FOD
Justitie opnieuw op de hoogte van zijn vraag om toegang tot krijgen.

1.5. Omdat de aanvrager nog steeds geen reactie heeft ontvangen, richt
hij bij aangetekende brief van 13 augustus 2016 een verzoek tot
heroverweging tot de minister. Bij aangetekende brief van dezelfde dag
vraagt hij de Commissie voor de toegang tot en het hergebruik van
bestuursdocumenten, afdeling openbaarheid van bestuur, hierna
Commissie genoemd, om een advies.

   2.    De ontvankelijkheid van de adviesaanvraag

De Commissie is van mening dat de aanvraag niet ontvankelijk is. Het
rapportbriefje van 25 mei 2016 moet immers worden beschouwd als een
verzoek tot heroverweging met betrekking tot de aanvraag van 22 april
2016. Het rapportbriefje van 12 juli 2016 moet beschouwd worden als
het verzoek tot heroverweging voor zover het aanvraagformulier van 10
mei 2016 betrekking had op aanvullende documenten. De wetgever heeft
immers geen specifieke vereisten gesteld aan het indienen van een
administratief beroep in het kader van de wet van 11 april 1994, dan dat
deze bestaat uit twee handelingen die tegelijkertijd moeten worden
uitgevoerd. De aanvrager kan op grond van artikel 8, § 2 van de wet van
                                                                       3

11 april 1994 een verzoek tot heroverweging indienen tegen een al dan
niet expliciete weigeringsbeslissing. Er ontstaat een impliciete
weigeringsbeslissing als de door de wet opgelegde termijn waarbinnen
een beslissing ter kennis moet worden gebracht, niet wordt
gerespecteerd. Tegelijkertijd dient de aanvrager de Commissie om een
advies te verzoeken. Het is voldoende dat hij daarbij aangeeft dat hij
moeilijkheden ondervindt om de raadpleging of de verbetering van een
bestuursdocument te verkrijgen op grond van deze wet. Door het
overschrijden van de termijn van dertig dagen waarbinnen het antwoord
moest zijn gegeven, is in deze zaak een stilzwijgende
weigeringsbeslissing ontstaan. De aanvrager heeft noch op 25 mei 2016,
noch op 12 juli 2016 een verzoek om advies aan de Commissie gericht,
zodat niet voldaan is aan de wettelijke vereiste van de gelijktijdigheid
van het verzoek tot heroverweging aan de minister van Justitie en het
verzoek om advies aan de Commissie. Er is een stilzwijgende
weigeringsbeslissing over beide verzoeken tot heroverweging tot stand
gekomen, waartegen slechts een beroep bij de Raad van State open staat.




Brussel, 5 september 2016.




   F. SCHRAM                                            M. BAGUET
   secretaris                                           voorzitster